Your IP 54.226.172.30 @ jesu-christ.us/index.phpzeig=Gotteswort/Weg_naar_Eenheid_via_de_Liefde/13.html&vessel=subMenuDirShow
 
IMPRESSUM
53° 33′ N, 9° 59′ O, DE-HH: 
8:14 h
15:46 h  
Ordner Inhalt bitte siehe unten. Content of Directory: please see below.

Anita Wolf 
Bertha Dudde 
Diverse 
Emanuel Swedenborg 
Gottfried Meyerhofer 
Jakob Lorber 
Johannes Widmann 
Path to unity through love 
Weg naar Eenheid via de Liefde 
Weg zur Einheit durch die Liebe 
| Offenbarungen ->Nur Lese-Modus<- auflisten

EDIT MODE:

 13 html  17.17KB  Weg zur Einheit durch die Liebe... JESUS CHRISTUS offenbarte dem Liebe-Licht-Kreis Nürnberg v. 1991 - 1995 jenes spirituelle Lehrbuch bestehend aus 70 Schulungen     

Les 13

Mijn geliefde vrienden, Ik, JEZUS CHRISTUS, ben midden onder jullie, was bij jullie gesprekken en heb jullie soms ernstig, soms lachend horen spreken, heb in jullie zielen geschouwd en daarmee in de verten van jullie eigenlijke Zijn. Datgene, dat nu jullie mens uitmaakt, is het resultaat van verschillende incarnaties. Alles, wat in je ziele-herinnering opgeslagen werd, niet alleen in dit leven, vormt jullie huidige Zijnsvorm. Dit zal Ik jullie nader verklaren.

Jullie hersenen, met zijn cellen, zoals je het in de schooltijd geleerd hebt, zijn opgebouwd op basis van de hersenstam, waarin alle onbewuste stofwisselingsprocessen geregeld worden, dan de tussenhersenen, de kleine hersenen, de grote hersenen, enz. Ik zou echter niet op de biologische situatie ervan in willen gaan, maar daar dat, wat jullie eigenlijke herinneringsvermogen is.

Jullie ziel, die deze scholingsplaneet aarde reeds meerdere keren betreden heeft en wel in verschillende lichamen, heeft niets vergeten van wat ooit gebeurd is en zal ook in alle Eeuwigheid nimmer vergeten, wat zij allemaal beleefd heeft. Sinds haar eerste uittreden uit de Oerschepping in een zijnsvorm als steen-nivo, later als planten-nivo, overgaand in de dierenwereld, beseft de ziel haar opbouw uit de verschillende elementen van het natuurrijk.

Zij heeft innerlijk kennis van haar eigenlijke opbouw en ze weet, dat ook zij eens als natuurgeest de reine-hemel bewoonde: als natuurgeest, die communiceerde aan de ene kant met de zuiver-geestelijke schepping en aan de andere kant met de Kinderen Gods, die de zegen als God’s Kind reeds hebben verworven of uit de eerste scheppingsgroepen kwamen, waarin deze natuur-rijken, opbouw-rijken of ontwikkelings-rijken voor de ziel nog niet bestonden. Dit alles is in de zuiver-goddelijke Gods vonk in de ziel opgeslagen, ook jullie afdaling in de diepte, ongeacht welke reden er ook voor was.

Jullie hebben een eeuwige herinnering in je. Het betekent volgens jullie woordgebruik eeuwig. Niets is verloren, geen gevoel, geen belevenis, geen gedachte, geen enkele daad, want alles is opgeslagen. Datgene, dat jullie nu als je mens-zijn beleven, is de som van alles wat in je opgeslagen is. Hierbij is de zuivere Geest in jullie door de sluiers van de incarnaties afgedekt, verhuld.

Bij het binnentreden in een nieuw aardeleven wordt het mensenkind de herinnering aan vroegere doorgangen door de aardelevens op deze scholingsplaneet, vanuit de barmhartigheid van God, weggenomen, op goede gronden, doch daar kom Ik later nog op in. Wat hem echter niet weggenomen is, dat zijn al zijn gevoelens van eerdere ervaringen, die hij in vorige incarnaties had, deze zijn nl. in de ziel opgeslagen en worden vandaar uit op de mens overgedragen. Daardoor ontstaat bv. antipathie en sympathie.

Waarom kunnen jullie een bepaald mens vanaf het eerste moment goed hebben en een ander mens juist niet? Waarom bevalt je een bepaald land en een ander land juist niet? Duizenden van dergelijke gewaarwordingen bepalen onbewust je menselijk-gedrag. Deze gewaarwordingen dienen, wanneer ze van negatieve aard zijn, weer omgevormd te worden in positieve.

Opnieuw spreek Ik het begrip Polariteit aan: Uit de liefde van Godvader moest er in de Goddelijke-oerschepping licht en duister voorkomen, anders hadden de schepsels van de Vader geen vrije wil kunnen ontvangen, de vrije wil om te kiezen tussen licht en duisternis. Beide kanten waren te onderzoeken, zowel voor de geschapen wezens, als voor de geevolueerde wezens uit de natuurrijken, want het Licht was net zo aantrekkelijk als de Duisternis. De Tegenstelling is: In liefde te dienen, zich te buigen, of zich te verheffen en te zeggen: “Ik ben meer als jij, ik wil jou niet dienen. Kijk maar eens, wat ik met Mijn kracht allemaal kan scheppen...”

God schonk Zijn kinderen scheppingsvermogen. Ieder van jullie heeft deze, maar het bewustzijn, dat het kind met dit vermogen zijn medemensen in liefde kan dienen en niet zal overheersen of zal trachten te overheersen, dat dient ieder kind zelf zich bewust te maken en dan na te volgen.

De vraag bij de eerstelingen van de Schepping luidde: “Is God, onze eeuwige Schepper de heerser over ons, of zijn wij gelijk aan Hem? Kunnen wij niet alles doen, wat ook de Vader tot stand brengt? Kunnen wij niet eveneens alles doen, wat de eerstgeschouwde-, eerstgeboren Zoon, de Scheppingsgeest, de Liefde, doet? Zie, wat wij volbrengen!” Dan spraken ze: “Waarom zouden wij dienen?” Ze beseften niet (dat was bewust in de Oerschepping door de VaderGeest zo gewild), dat de hemelse Vader zich in de schepping bewust wegschenkt, dat Hij zelf dient in de schepping. Ze beseften niet, dat alles, wat ze geschapen hebben- en wat ook jullie kunnen - uiteindelijk door de kracht van de Algeest geschiedt, doch ze dachten, dat datgene wat zij kunnen, ze uit eigen kracht konden volbrengen.

Godvader liet Zijn kinderen begaan, opdat ze de vrije wil zouden kunnen ervaren en uitproberen. Ze dienden Licht en Duister te leren kennen en uitproberen om zo het Licht te kunnen verstaan. Wie zich steeds in het Licht bevindt, die kan de schoonheid-, de grootsheid- en volheid van het Licht niet begrijpen. Maar wie een keer de diepte van de Duisternis doorvorst heeft, die weet, wat het betekent in het Licht te staan.

Jullie zijn nu op grond van je vrije wil hier op deze aarde. Ik zeg jullie, het is een wonderlijke planeet. Deze planeet is, innerlijk-gezien, een geschenk aan het eerst-gevallen-Wezen , Sadhana. Het is een geschenk van God aan haar, toen ze nog in de reine geestsfeer was, haar planeet. Ze trok deze met haar val in de diepte en niet alleen deze planeet, maar ook alle materiele sterrenlichamen, die jullie s’avonds om je heen kunnen zien.

Ontelbare geestwezens trokken met haar in de diepte van de Duisternis om deze te onderzoeken. Heel bewust, lieve broeders/zusters, spreek Ik de woorden zo uit: De Donkerte te onderzoeken. Na hun reis door de onmetelijke verten en door de lering op deze planeet keren ze terug, ook jullie inbegrepen.

Wat Ik jullie wil leren, is, dat je leert om naar deze planeet te kijken vanuit een geestelijk standpunt. Wat zeiden de eerste astronauten, toen ze vanuit de ruimte naar deze blauwe planeet keken? “In het midden van een onmetelijk-zwarte-ruimte deze helder-blauwe-planeet...!” Is dat niet wonderlijk? Jullie planeet-aarde zonk -samen met Sadhana- vanuit de hoogste-, lichtrijke Hoogte in de diepte van de geestelijke nacht en bleef haar Val-geschenk ook hier in het Valgebied , enkel grof verdicht. Alles wat er hier op aarde is, is een zwakke naglans van hetgeen ooit was, in het eeuwige Zijn.

Wanneer jullie leren om alles in het licht te zien en niet steeds letten op de duisternis, dan gaan jullie Mij begrijpen. Kijk om je heen, schenkt de Schepping zich niet weg aan jullie? Jullie zeggen misschien: Hier bij ons wel, maar in andere delen van de aarde heerst honger en nood. ik zeg jullie dan: Niet door de Wil van God, maar alles, wat zo gekomen is, heeft de mens zelf veroorzaakt.

Deze aarde werd aan Sadhana en haar aanhang als een klein Paradijs in handen gelegd. “Als je bereid bent, zo sprak de hemelse Vader, om je hier te incarneren en over deze scholings-planeet te wandelen, dan kun je de terugreis maken”. Sadhana echter schouwde in de Scheppingsverten, die ze als de hare beschouwde, en sprak: “Nee!” en met haar al de geestwezens, die ze om zich heen had verzameld.

Dit Nee...galmde door alle Aeonen, tot Mijn Woord, dat Ik aan het Golgatha-kruis hangend, sprak: “Het is volbracht”. Toen was de aarde niet meer dat, wat zij ooit was geweest, toen de Vader haar aan zijn gevallen kinderen schonk.

Dit, wat je nu omgeeft, is de schepping, die de mensheid in haar totaliteit ervan gemaakt heeft. Zie de betonnen kazernes, die jullie steden grijs kleuren. Dichtgeplaveide straten, vaak zonder boom of struik. Langzaam begint de mens om te denken, in het midden van een asfaltwoestenij staat een eenzame boom, die om zijn leven vecht. Niettemin schenkt deze boom zichzelf weg aan alle mensen, die om hem heen in deze betonwoestenij proberen te leven.

Menigeen, die voorbij loopt aan deze boom, voelt deze levensstroom, een stukje natuur temidden van deze woestijn, een groet van moeder Aarde. Kunnen jullie niet mede-scheppers zijn? Het ligt toch aan jullie om de huizen en straten weer groen te maken, planten in huis te nemen. Planten zijn vol vreugde om jullie te mogen dienen. Besef, dat zij een deel van jezelf zijn, dat ook in jullie alle elementen van de stenen en planten, in jullie de dieren en natuurwezens zijn, alles is in jullie! Ik herinner jullie aan de ziele-herinnering! Jullie zijn de Kroon van de schepping, een volkomen schepsel van God, een kind van de Vader, met een vrije wil en begiftigd met scheppingskracht. Het ligt in jullie hand om de aarde zo vorm te geven, dat niemand honger hoeft te lijden, zo in liefdevolle Gemeenschap te leven, dat er eenheid is, een met elkaar en geen strijd tegen de ander. Denk niet ver weg, maar begin bij jezelf, vlakbij: Verander de wereld om je heen, en de aarde zal zichtbaar voor jullie veranderen!

Dan zullen jullie beleven, dat alles, wat om je heen is, je waarlijk in vreugde dient. Echter niet, wanneer je in je eigen wil leeft, dat betekent in de sfeer van de val-gedachten van macht-uitoefenen. Weliswaar zouden jullie - daar de krachten in je liggen - het macht uitoefenen kunnen leren en toepassen, zodat de Geesten je wel moeten dienen, doch alle macht en geweld keren zich in de volgende of daarop volgende incarnatie tegen je. Wee degene, die deze route ging en zich de Schepping met macht eigen maakte. Hij heeft een pijl doen uitgaan, die een baan doorloopt en de schutter zelf ongeremd in de rug treft. Alles wat hem eens dienen moest, staat op en keert zich tegen de aanstichter.

Daar de mens de Kroon is van de schepping, kan hij, op grond van de gedachten, die hij schoolt, ook de schepping beheersen, doch iedere macht keert zich volgens goddelijke wet tegen degene, die dit veroorzaakt, om deze in een volgende incarnatie te achtervolgen en om hem datgene terug te geven, dat hij eens vanuit eigen-wil de schepping en alle wezens aan negatiefs heeft aangedaan. Geestesziek schuifelt deze dan in gesloten inrichtingen door de gangen en moet alsnog leren, dat niet door overheersen de overwinning behaald wordt, maar louter en alleen door liefde.

In bepaalde gevallen heeft deze ziel zich deze incarnatie niet zelf uitgezocht, daar ze onbeleerbaar was. Men liet haar naar haar vrije-wil begaan. Doch diegenen, waaraan bedoelde ziel zich destijds bezoedeld heeft, zijn nu zichtbaar om de belaste ziel en daarom is deze verward in de geest. Laat Mij echter met deze woorden de terugblik beeindigen.

Geliefde vrienden, waarlijk Ik zeg jullie, wandel met Mij op het bergpad van Liefde! Ga deze tocht schrede na schrede met Mij! Doe heel goed je best, want alles gebeurd vanuit je vrije wil. Wees bereid je inspanningen te getroosten! Zelfs indien in het begin je inspanningen nog vanuit je intellect zouden plaatsvinden, dan zal op den duur dit intellect wijken voor het hart, want Ik ben het, die jullie het hartebeleven leert en dit hart opent. Ik was het, die je in deze seconden van genade liet beleven, waarin jij dacht, dat je hart van vreugde kapot sprong. Ik was het, die jullie in deze stemming twee dagen lang liet verkeren, om je te roepen en te zeggen: Broeder, zuster, Ik ben de Weg, Ik leid je naar Diegene, waarnaar je verlangt. Het is de weg, die Ik gegaan ben, de weg van liefde en deemoed, die Ik alsmaar geleerd heb.

Ik was mens met alle gevoelens en belevingen, die een mens op deze aarde heeft. Vrijwillig heb Ik alles op me genomen en vrijwillig heb ik stap voor stap alles overwonnen. Ook Ik was vaker in twijfel. Ik heb me uiteengezet met de sprekende God in me, die zei, dat Hij Mijn Vader was . Ik heb alle twijfels, die ook jullie hebben gehad en nog zult hebben, zelf beleefd. Maar, zoals Ik Mij er doorheen heb geslagen zullen ook jullie je er doorheen slaan! Voorwaarde is, en nu kom Ik op iets uit het begin van de scholing terug, jullie “JA, Heer, ik wandel met Jou”. Voorwaarde is alleen jullie JA en een heel klein beetje inspanning, dan leid Ik jullie naar de Liefde, die Ik Ben.

De tocht door de Schepping, die Ik jullie voorstel, dient ervoor om je de natuur te laten beleven door Mijn ogen. Wanneer je met Mij gaat, dan ga Ik door jullie . Als Ik door jullie ga, dan gaan jullie niet als mensen, doch jullie gaan als diegenen, die jullie eigenlijk zijn: Zonen en Dochters van God, de Kroon van de schepping . Je ziet dan niet meer met je menselijke ogen, maar met je geestelijke ogen.

Dan valt je blik bijvoorbeeld op een mieren-straat en je ziet een miertje, hoe deze een stukje hout draagt, dat groter is als hijzelf. Waar haalt deze mier de kracht vandaan? Met de allergrootste vlijt draagt deze mier haar last om alle obstakels heen. Een licht vermoeden stijgt in jullie op: Ook ik heb deze kracht, ook ik ben op weg. Zoals deze mier met al haar last in de boom klimt, zo ben ook ik met al mijn last op weg naar het Vaderhuis. Als deze kleine mier dat klaar speelt, dan lukt het mij ook! Reeds bemerken jullie de last niet meer, die op je schouders rust. Vreugde trekt in je binnen. Ik was het, die door jullie werkte. Dit is jullie slechts als voorbeeld gegeven.

Ik wil zo graag samen met jullie wandelen, niet slechts op deze weg, die Ik jullie heb voorgeteld, maar ook op de weg van jullie hele leven en je op al het Lichtvolle opmerkzaam maken, wat je in woestijn van de diepste duisternis bent vergeten. Vergeten door de mens, wel bemerkt, want in de ziel rust al het Lichtvolle, maar overwoekert en overdekt door eerdere incarnaties, door veel leed, grote nood, van strijd om het dagelijkse brood, zodat je nu in deze incarnatie de uitsluitende gedachte hebt: Nooit meer, Heer, het is genoeg geweest, want waar ik maar om me heen kijk zie ik moord en doodslag, leed en ellende.

Ik kan alleen maar antwoorden: “Ook Ik ben over deze aarde gegaan, en tot op Mijn laatste weg naar Golgotha heb Ik deze aarde gezegend”. Met iedere schrede straalde Ik haar liefde toe en zag, wat ze eenmaal was geweest. In de zielen, die de duisternis wilden verkennen, heb ik het voormalige weten omtrent de schoonheid van deze planeet weer wakker geroepen en het zal zo zijn, zoals Ik het beloofde: Vrede in de dierenwereld. Liefde overwint, in jullie en door jullie, door ieder afzonderlijk.

Ik heb deze aarde bemind en doe dat ook nu nog en wandel in de Geest over de aarde. Ook jullie dienen de aarde lief te hebben, want in essentie is zij een geschenk van de Vader aan jullie, een geschenk van vrije wil. Willen jullie soms Marionetten zijn of waarlijk kinderen met het Goddelijk erfgoed in je? Beschouw de aarde en jullie weg over de aarde op deze wijze en jullie zullen Mij verstaan, waarom je over de aarde gaat. Dan bezien jullie al het leed en de grote nood met andere ogen.

Er is geen stilstand, zoals jullie menen, ook geen achteruitgang, in tegendeel, overal waait Mijn geest van Liefde in alle gemeenschappen, alle religies, ook als er hier en daar nog heftige strijdgevechten zullen plaatshebben. Herinner je: Alleen waar onverschilligheid heerst, kan de liefde niet groeien, maar daar waar gestreden wordt, zal men ook eens de strijd moe zijn en kan het verlangen groeien, die in iedere ziel is gelegd, nl. het verlangen naar vrede en liefde. In dat licht zijn alle strijd en alle nood, die thans nog op deze aarde heersen, door de verhoogde instraling van liefde opgeroepen.

Wanneer de aarde schudt door aardbevingen, wanneer het klimaat verandert, orkanen over steden en dorpen trekken, wanneer grote hittegolven heersen en brandhaarden over de aarde woeden, dan is het niettemin de liefde van de omvorming. Ieder, die bereid is in liefde te wandelen, zal bemerken, dat in dat vuur dat materieel brandt, tegelijk een geestelijk vuur oprijst, dat alles reinigt. Kijk en schouw door de vlammen heen in het Nieuwe Zijn, dat Ik jullie bereid heb en jullie mee. Met iedere liefde-gedachte, die je in de schepping straalt ben je tegelijk medeschepper van de Nieuwe geestelijke aarde.

Het ligt dus ook in jullie handen, d.w.z.in de handen van alle mensen, die thans op aarde leven, hoe de reiniging zich zal voltrekken en in welke mate. Dat er een reiniging moet plaatshebben, dat weten jullie, doch in welke vorm en intensiteit de aarde zich teweer stelt, dat ligt in jullie handen, daar jullie mede-scheppers zijn. Niet alleen medescheppers van je directe omgeving, maar medescheppers van het hele aarde-gebeuren. Iedere gedachte, iedere beleving en gevoel is een scheppingsdaad!

Met deze woorden wil Ik vandaag sluiten. Denkt hierover na, Mijn liefde, Mijn vrede, Mijn kracht en Mijn sterkte stromen jullie toe in de Naam van de Vader en geven je steun in het leven van alledag, in je beroepstaken en helpen je, als je bereid bent de hulp aan te nemen.

Amen